Lunchpauze poëzie op 18 mei

Alle nieuw uitgekomen bundels worden bekeken, gelezen en van commentaar voorzien door Wim van Til.

Poëziewandeling op 18 mei

Een wandeling met de gids Meja Spaargaren door het centrum van Nijmegen.

 

Zij leidt u langs historische plekken in de binnenstad waar dichters inspiratie vonden voor een gedicht.

Sommige gedichten zijn opgenomen in de Literaire Bakens van de stad, de andere worden u voorgelezen.

Alle gedichten zijn afgedrukt in een speciaal boekje met de route dat bij de wandeling hoort.

 

Ook is het mogelijk om met een groep op een ander moment met een van de gidsen te gaan wandelen. Vooraf aanmelden via de email [email protected] wordt op prijs gesteld, de wandeling gaat door zodra er één deelnemer is in het PcN.

meer informatie

Open GedichteN podium op 25 mei

Het Open Gedichten Podium, zaterdagmiddag 25 mei in het Poëziecentrum Nederland, staat geheel in het teken van ‘Film’.

 

De Nijmeegse fotograaf en filmmaker Theo Jennissen zal zijn nieuwste film laten zien. In deze film geeft hij inzicht in zijn poëtisch universum.  De Nijmeegse dichteres Noêma Celeste Neijboer zal een aantal  korte films laten zien die gemaakt zijn naar aanleiding van haar poëzie.  Wijnand de Groot uit Harderwijk, oprichter van BB Art (Buy Beautiful Art), zal twee korte films laten zien die gemaakt zijn ter promotie van BB Art. Eén film waarin Geert Zomer vertelt over zijn kunst en een gedicht voorleest en een film waarin hij zelf vertelt over zijn drijfveren.  

Ook zal de film Appeltaart 3.0 vertoond worden. In deze film van Gert van der Nol, met camerawerk van Joke Zandstra, neemt appeltaart een voorname rol in. De film is gemaakt naar aanleiding van een verhaallijn uit het manuscript ‘De Withaaiofficier’, van Geert Zomer. De film heeft inmiddels prijzen gewonnen op twee landelijke filmfestivals.

Acteurs zijn: Liesbeth Stoffer, Henk Mulder en Jean Vermeulen. 

De Friese oerpunker, streekdichter van de nieuwe gemeente Noardeast-Fryslân en troubadour Jancobus Seunnenga verzorgt de muziek. 

 

Tijd en plaats:

Zaterdagmiddag 25 mei, van 14.00 uur tot 16.30 uur in het Poëziecentrum Nederland, Mariënburg 29 te Nijmegen. (Het PcN is gevestigd in de bibliotheek.)

Toegang is 5 euro.

 

 

Ontmoet de dichter Martin Reints op 8 juni

Verwaaid gras

 

Ik zeg niets

dan zeg ik dat ik niets zeg

en dan weer zeg ik niets

 

een leeuw ligt naar een meeuw te kijken

en doet langzaam zijn ogen dicht

 

ademt in, ademt uit, en knijpt zijn ogen verder dicht

 

een meeuw ziet een leeuw

draait zijn kop opzij

en zweeft weg in een van zijn luchtlagen

 

er zijn boomstronken, er is verwaaid gras,

poelen met riet, stroken zand

 

er is van alles

tot het verdwijnt.

 

Martin Reints (1950)

uit: Wildcamera (2017)

meer informatie

Interne lustrumviering voor medewerkers van het PcN

Vijf jaar geleden ging het PcN van start in Nijmegen, na tien daarvoor in Bredevoort, het boekenstadje en in Geffen. Het PcN bestaat formeel 18 jaar, informeel 19 jaar.

 

Vanmiddag een besloten bijeenkomst van de vrijwillige medewerkers. 

Ontmoet de dichter...Maria Barnas op 6 juli

Toekomst

 

Een bureaustoel rolt stommelend weg.

 

Ik zou tegen de spiegel kunnen zeggen: jij bent die vis.

 En daarbij: je zult me beminnen o teerbeminde

wat smak je nou is dat soms snakken aan het oppervlak?

 

We kunnen zeggen: de toekomst is een geblakerde spiegel. 

Of: er is een toekomst die we vormgeven. 

Er komen vissen in voor

 

onder te dompelen in zwaar water en op te rapen

als donkere robijnen te bewaren bij de bank

 of bij de woorden onder je matras.

 

De roggen in het zeeaquarium kun je overigens aaien.

 Ze wenden de vleugels naar de strelende vingertoppen

 

die vormen van een toekomst oefenen

 op een beeldscherm waarop het licht haast breekt.

 

Maria Barnas (1973)

uit: Nachtboot (2018)

Ontmoet de dichter ... Erik Lindner op 11 mei

De duw waaruit een spons zeemt
de glazen tafel in de bibliotheek

 

het kraken van het stalen hek

een schip dat tegen de kade schuurt

 

meeuwen rond het plein op de heuvel
een luik opent halverwege de straat

 

ik sta op en kleed me als gisteren
en loop over de planken naar de pont

 

op autobanden zet koraal zich af in

schubben tussen steiger en boeg

 

maar mijn nagels groeien mijn eelt

iedere waterdruppel een contactlens

 

staart een seizoen in quarantaine
hoe een deur over de reling slaat

 

het raam wenkt en het licht tekent
de zeem die spant over je huid.


        Erik Lindner (1968)
        uit: Acedia (2014)

 

Zaterdag 11 mei van 14.00 tot 16.30 uur Ontmoet de dichter … Erik Lindner.
De entree is € 10,00 (voor studenten, Vrienden van het Poëziecentrum Nederland en bibliotheekpashouders € 7,50). Het entreebewijs is tevens een kortingsbon die besteed kan worden in de PcN-poëziewinkel en aan de PcN-poëziekraam op de boekenmarkt.

meer informatie

Gedichten lezen van Erik Lindner op 4 mei

Berlin, Berlin

 

De figuren in de ruit waar ik langsloop

bestaan niet uit reflecties

 

de ruit doorschijnt geen tafereel

de weerspiegeling is weg

het glas heeft alles in zich opgenomen

van jaren her, lichtval, schaduw en erosie

 

sap dat moeiteloos oplost in melk

sneeuw in de voegen van de treden

en in de hoeken van kozijnen

lichtplekken vertonen sporen van vuur

barsten verbergen de oppervlakte

aders vertakken de donkere vlekken

 

laag voor laag valt ieder voorval

in de verweerde glazen structuur

het venster dat dicht is van wat het weet

verbleekt door wat het gezien heeft

 

en de sponningen van het raam

knijpen in de randen van het glas

een kier die wat binnen is openzet

voor wie buiten passeert.

 

Erik Lindner (1968)

uit: Zog (2018)

 

Erik Lindner (’s-Gravenhage, 1968) publiceerde 6 dichtbundels, waarvan Zog (Van Oorschot, 2018) de meest recente is. Zog bestaat uit een lyrisch verslag van de getijden. Minutieus wordt de zee bij Oostende aanschouwd, duizelingwekkend en onheilspellend een verlaten fabriek in Luik verkend. Waar denk je aan als je over straat loopt? Waarom moet je water kunnen zien om erop te kunnen reflecteren? Wat is de melodie die je telkens zingt waarvan je het lied niet meer herkent? In melodisch geritmeerde gedichten staat Lindner stil bij een man die verdrinkt in een ondiepe vijver, een stad nagebootst in glasconstructies, bij het telkens veranderende strand.

Erik begon op jonge leeftijd voor te dragen, op zijn 16e, in 1984. In 1996 debuteerde hij met de dichtbundel Tramontane. In 2012 verbleef hij een jaar in Berlijn op uitnodiging van het Berliner Künstlerprogramm van de Deutsche Akademischen Austausch Dienst. In 2013 verscheen in Duitse vertaling van Rosemarie Still de bundel Nach Akedia, die door de Deutsche Akademie für Sprache und Dichttung werd uitverkoren tot aanbeveling. Behalve in het Duits werd Lindner vertaald in het Frans en het Italiaans. Lindner is oprichter en redacteur van het tijdschrift Terras voor internationale literatuur, essayist en criticus.

In 2013 verscheen zijn eerste roman Naar Whitebridge. Acedia (De Bezige Bij, 2014) bestaat uit een keuze uit de eerste vier bundels aangevuld met nieuwe gedichten. In de poëzie van Erik Lindner speelt het beeld een centrale rol.

Volgens Nico Bleutge in de Süddeutsche Zeittung “slaagt hij er niet alleen in onze patronen van taal en waarneming te doen kantelen, het lukt hem ook de zintuigen aan te scherpen voor wat mogelijk is. De gedichten komen over als evenwichtsoefeningen, als draadconstructies. Met groot vakmanschap vijlt Lindner aan zijn taalelementen en zet ze onder spanning.” In NRC Handelsblad schreef Hélène Gelèns “Zijn beelden zijn glashelder en tegelijk raadselachtig. Lindners poëzie blijft bij iedere lezing nieuw.”

 

meer informatie

In de vitrine: 5 mei bevrijding

Na de bevrijding

 

I

 

Schoon en stralend is, gelijk toen, het voorjaar,

Koud des morgens, maar als de dagen verder

Opengaan, is de eeuwige lucht een wonder

Voor de geredden.

 

In ’t doorzichtig waas over al de brake

Landen ploegen weder de trage paarden

Als altijd, wijl nog de nabije verten

Dreunen van oorlog.

 

Dit beleefd te hebben, dit heellijfs uit te

Mogen spreken, ieder ontwaken weer te

Weten: heen is, en nu voorgoed, de welhaast

Duldloze knechtschap –

 

Waard is het, vijf jaren gesmacht te hebben,

Nu opstandig, dan weer gelaten, en niet

Eén van de ongeborenen zal de vrijheid

Ooit zo beseffen.

 

 

II

 

Regelmaat der kerende getijden!

Wat is ’t hart, dat het ooit heeft gevreesd,

Schoon het wist, dat lente ’t kwam bevrijden,

Stralend als zij altijd is geweest.

 

Alomtegenwoordig, onverstoorbaar

Is het leven, dat den dood ontbloeit,

En de kleinste klacht schijnt nauwlijks oorbaar°,

Waar de rogge om de ruïnes groeit.

 

 

J.C. Bloem (1887-1966)

uit: Sintels (1945)

Poeziewandeling door het centrum van Nijmegen op 20 april

Om 11.00 uur vertrekt Marijke Hanegraaf vanuit het PcN met deelnemers voor de  Poëziewandeling.                    Zij leidt u langs historische plekken in de binnenstad waar dichters inspiratie vonden voor een gedicht.

Sommige gedichten zijn opgenomen in de Literaire Bakens van de stad, de andere worden u voorgelezen.

Alle gedichten zijn afgedrukt in een speciaal boekje met de route dat bij de wandeling hoort.

 

Ook is het mogelijk om met een groep op een ander moment met een van de gidsen te gaan wandelen. Vooraf aanmelden via de email [email protected] wordt op prijs gesteld, de wandeling gaat door zodra er één deelnemer is in het PcN.

Inloggen / registreren

Ik ben al gebruiker

Voer uw e-mail adres en uw wachtwoord in om u op de website te identificeren.

 

Wachtwoord vergeten?

 

Schakel JavaScript in om gebruik te maken van onze inlogfunctie

Voer uw e-mailadres in en klik op herstellen. Als u met het ingevoerde adres inderdaad al een account heeft bij ons zult u per e-mail een nieuw wachtwoord ontvangen.

Ik wens gebruiker te worden

Registreren Sluit popup